“Praat niet over arme mensen. Praat over mensen die in armoede leven.” Tijdens de WarmteTop deelde Pınar Coşkun – lijsttrekker van de Partij voor de Dieren – haar visie op armoede in Rotterdam.
Volgens haar vraagt armoede om andere beleidskeuzes en een meer integraal beleid. Want armoede staat nooit op zichzelf. Het hangt vaak samen met gezondheidsproblemen, schulden en woonproblemen. En in een stad waar betaalbare woningen schaars zijn, maakt dat het probleem nog complexer.
Toch betekent die complexiteit niet dat oplossingen onmogelijk zijn. Volgens Pinar vraagt het juist om kijken vanuit verschillende perspectieven en om maatregelen op meerdere fronten tegelijk.
Van praktische hulp in de wijk, zoals weggeefwinkels, tot structurele keuzes in beleid. Denk aan gratis openbaar vervoer voor bepaalde groepen of het betaalbaar houden van dierenartskosten. Want voor veel mensen is een hond of kat een belangrijk onderdeel van het gezin. Elke stap kan helpen om het leven van Rotterdammers in armoede beter te maken.
“Koester de maatschappelijke initiatieven in de stad.” Dat was de boodschap van CDA-lijsttrekker René Segers-Hoogendoorn tijdens de WarmteTop2026.
Volgens hem gebeurt er in Rotterdam al ontzettend veel in de wijken. Maatschappelijke initiatieven helpen bewoners, signaleren problemen vroeg en brengen mensen bij elkaar. Juist daarom moeten zij volgens het CDA meer vertrouwen krijgen.
Veel initiatieven moeten zich nu elk jaar opnieuw verantwoorden voor subsidie. Dat kan anders, zegt René: geef hen ruimte en zekerheid, bijvoorbeeld met subsidies voor meerdere jaren. Zo kunnen organisaties doen waar ze goed in zijn. Bezuinigingen op deze initiatieven noemt hij onverstandig. Investeren in de sociale basis levert uiteindelijk veel meer op voor de stad.
Een sterke economie is volgens VVD-lijsttrekker Tim Versnel de sleutel in de strijd tegen armoede. Tijdens de WarmteTop 2026 sprak hij over hoe zijn partij naar armoede in Rotterdam kijkt.
Voor hem begint dat bij de vraag hoe Rotterdammers hun situatie zelf ervaren. In de zogeheten wijkprofielen – onderzoeken naar hoe bewoners hun leven beoordelen – komt naar voren dat ongeveer 12% van de Rotterdammers moeite heeft om rond te komen.
Volgens Versnel ligt vooruitgang in meer goede banen en een bedrijfsleven dat mensen kansen geeft en beter kan betalen voor het werk dat zij doen. Die visie beschrijft hij ook in zijn boek ‘Stad van het goede leven’. Tegelijkertijd erkent hij dat Rotterdam nog met hardnekkige achterstanden te maken heeft. De uitdaging voor de komende jaren: zorgen dat meer Rotterdammers werken en met minder financiële stress door de stad gaan.
“Armoede bestrijd je niet met beleid, maar met een sterke sociale basis.” Dat waren de woorden van Maikel la Rose (ChristenUnie) tijdens de WarmteTop2026.
Hij noemt armoede een veelkoppig monster. Daarom vraagt de aanpak meer dan losse maatregelen. Volgens hem begint het met zichtbaar zijn in de wijken, luisteren naar ervaringsdeskundigen en hen betrekken bij de plekken waar besluiten worden genomen. Ook ziet Maikel een belangrijke rol voor gemeenschappen in de stad. Kerken en moskeeën kunnen samen met Huizen van de Wijk plekken vormen waar mensen elkaar vinden, hulp krijgen en niet tussen wal en schip vallen. Zulke plekken verdienen steun en ruimte. Eén ding is voor hem helder: het budget voor armoedebestrijding moet op zijn minst blijven zoals het is, maar liever groeien. Want alleen samen kunnen partijen een vuist maken tegen armoede.
Geen abstract getal. Geen technocratisch symbool. Geen spreadsheetlogica. Geen voetnoot in een beleidsnota waar niemand wakker van ligt.
490 euro is de gemiddelde huurverlaging per maand die particuliere huurders in Carnisse kregen nadat de gemeente eindelijk deed wat al tientallen jaren geleden gedaan had moeten worden.
490 euro is geen luxe. 490 euro is geen extraatje. 490 euro is geen cadeautje.
490 euro is ademruimte. 490 euro is een maand boodschappen. 490 euro is rust in het hoofd aan het eind van de dag. 490 euro is een ouder die even niet hoeft te rekenen bij de kassa. 490 euro is een kind dat wel met ontbijt naar school gaat.
490 euro is waardigheid.
En mensen, laat me dit glashelder zeggen: dit gaat hier niet over incidenten. Dit gaat niet over uitzonderingen. Dit gaat niet over een paar rotte appels.
Dit is structureel.
In Rotterdam zijn er bijna 50.000 particuliere huurwoningen met een huurprijs die te hoog is. Niet “een beetje te hoog”. Inmiddels is bekend dat er vele uitschieters zijn van 1.000 euro per maand. Dat is geen grijs gebied. Dat is geen interpretatieverschil.
Dat is geen vergissing. Dat is geen administratieve slordigheid. Dat is geen menselijke fout.
Dat is georganiseerde ongelijkheid. Dat is geïnstitutionaliseerd onrecht. Dat is winst maken op andermans kwetsbaarheid.
Dus wanneer iemand vraagt: “Wil je armoede aanpakken?”
Dan is mijn antwoord niet ingewikkeld. Niet technocratisch. Niet omfloerst.
Mijn antwoord is simpel. Mijn antwoord is moreel. Mijn antwoord is onontkoombaar:
Pak de te hoge huren aan.
Want dit zijn de huishoudens waar stress niet tijdelijk is, maar permanent. Waar stress niet komt en gaat, maar blijft wonen. Waar stress aan tafel zit, naast het bord dat steeds leger wordt.
Dit zijn de huizen waar schimmel op de muren staat en mensen zich schamen voor hun eigen woning. Dit zijn de huizen waar ouders fluisteren over rekeningen en kinderen leren om niets te vragen.
Dit zijn de kinderen die zonder ontbijt naar school gaan. Niet omdat hun ouders nalatig zijn. Niet omdat ze niet geven om hun kinderen.
Maar omdat het systeem niets om hén geeft.
Laat me dit zeggen,
zonder verzachting,
zonder omweg: kinderarmoede is kinderen geweld aandoen. Laat me dit nog één keer herhalen voor de mensen uit de politiek; Kinderarmoede is kinderen geweld aandoen.
Want armoede is geen neutrale toestand. Armoede is geen statistiek.
Armoede is geweld.
Langzaam geweld. Dagelijks geweld. Zichtbaar en onzichtbaar geweld.
En mensen, armoede is geen persoonlijk falen. Het is geen karaktergebrek. Het is geen gebrek aan discipline. Het is geen cultureel probleem.
Armoede is een beleidskeuze.
Armoedebestrijding is gekoppeld aan rechtvaardig woonbeleid. Maar daar mogen we niet stoppen. Daar kunnen we niet stoppen.
We moeten haar óók koppelen aan klimaatrechtvaardigheid.
Want stel jezelf deze simpele, maar onthullende vraag: wie wonen er in de slechtst geïsoleerde woningen? Wie wonen er in tochtige huizen met enkel glas? Met lekkende daken? Met verouderde cv-ketels?
Niet de mensen met warmtepompen en zonnepanelen op hun villa’s. Niet de mensen met fiscale adviseurs om belastingontwijkende constructies op te tuigen en energielabel A++++.
Het zijn voornamelijk huurders. Het zijn vaak de mensen met de laagste inkomens. Het zijn de mensen zonder keuzeruimte.
Tijdens de energiecrisis betaalden zij soms meer aan energie dan aan huur. Stoken voor de mussen. De warmte eruit, het geld erdoorheen.
Niet omdat zij onverantwoordelijk waren. Niet omdat zij verspilden.
Maar omdat zij gevangen zaten in woningen waar de kou vrij spel had en de energierekening genadeloos was.
Dat is geen toeval. Dat is geen pech.
Dat is klimaatonrecht. Dat is woononrecht. Dat is klassenonrecht.
Natuurlijk kan en moet het Rijk veel meer doen.
Maar waar blijft de rol van de gemeente? Laat me hier heel duidelijk zijn: de gemeente kan veel meer doen. Niet een beetje meer. Niet symbolisch meer.
Veel meer.
Armoede is niet iets wat “er nu eenmaal bij hoort”. En toch zei de wethouder van Armoede, Norville, onlangs in de krant dat armoede er nu eenmaal bij hoort.
Maar armoede hoort nergens bij.
Armoede is geen natuurverschijnsel. Geen storm. Geen overstroming. Geen aardbeving.
Armoede is door mensen gemaakt. En wat door mensen gemaakt is, kan door mensen worden afgebroken.
Want Echte beschaving accepteert geen armoede. Echte beschaving normaliseert geen dakloosheid. Echte beschaving verbiedt structurele vernedering.
Mensen hebben recht op bestaanszekerheid. Niet omdat ze het verdienen. Niet omdat ze productief genoeg zijn. Niet omdat ze zich netjes gedragen.
Maar omdat ze mens zijn.
Menselijke waardigheid daar draait het om. Altijd al. Altijd weer.
En laten we eerlijk zijn: we leven niet in een arm land. We leven in een land waar geld geen probleem is.
De keuzes zijn het probleem.
We kunnen als samenleving:
miljarden uitgeven aan een oneerlijke landbouwvrijstelling,
40 tot 46 miljard aan fossiele subsidies,
Straks 35 miljard aan de wapenindustrie,
8 miljard per jaar aan commerciële banken door renteafspraken met de ECB,
meer dan 10 miljard aan hypotheekrenteaftrek, waarvan de helft heel lang naar de rijkste 20% gaat,
terwijl 80% van de verduurzamingssubsidies óók bij diezelfde rijkste 20% terechtkomt. En ga zo maar door.
En dan durven sommigen te zeggendat armoede onvermijdelijk is?
Bedrijven in Europa ontwijken voor 100 miljard euro per jaar aan belastingen. Nederland is verantwoordelijk voor bijna 20% van de wereldwijde belastingontwijking zo’n 50 miljard euro. Dat zorgt voor armoede elders!
Oxfam Novib zei jaren geleden al: ontwikkelingshulp is nauwelijks nodig als Nederland simpelweg haar belastingwetgeving aanpast.
Dus nee, Nederland is geen toeschouwer. Nederland is medeplichtig.
En daarom moeten we ophouden met doen alsof het systeem kapot is.
Het systeem werkt. Precies zoals het ontworpen is.
Het bevoordeelt een kleine groep superrijken en multinationals en het dwingt de rest te vechten om kruimels.
Hoe is het mogelijk dat hoe rijker je bent, hoe minder belasting je relatief betaalt?
Hoe is het mogelijk dat de rijkste 10% huishoudens relatief minder belasting betalen dan de andere 90%?
Hoe is het mogelijk dat de armste 50% relatief meer belasting betaalt dan de rijkste 50%?
De sterkste schouders dragen allang niet meer de zwaarste lasten. Ze hebben de lasten geoutsourcet.
En ondertussen hebben we op de Verenigde Staten na de grootste vermogensongelijkheid ter wereld.
En de grootste motor achter die ongelijkheid? De eigen woning.
We blijven geld pompen in de woningmarkt. Wat gebeurt er dan? De prijzen stijgen. De ongelijkheid groeit. De samenleving scheurt.
Die ongelijkheid ontwricht ons duurzaam. Ze vergiftigt het publieke debat. Ze holt solidariteit uit. Ze voedt wantrouwen.
En wat zien we dan gebeuren? Groepen mensen krijgen de schuld.
Is het niet de asielzoeker, dan is het de statushouder. Is het niet de moslim, dan is het de Marokkaan.
Mensen worden tegen elkaar opgezet, zodat een kleine minderheid super luxueus kan blijven leven, terwijl honderdduizenden huishoudens in de winter moeten kiezen tussen warm eten en een warm huis.
Dat is geen beschaving. Dat is moreel faillissement.
U hoort het: er is heel veel aan de hand.
En toch En toch ben ik hoopvol. Niet oppervlakkig hoopvol. Niet naïef hoopvol.
Diep hoopvol.
Maar hoop is geen afwachten. Hoop is geen optimisme. Hoop is geen goed gevoel.
Hoop is participatief. Hoop is handelen. Hoop is doen wat eerlijk is, ongeacht de wind die waait, ongeacht de peilingen, ongeacht of cynisme modieus is.
Hoop is discipline. Hoop is solidariteit. Hoop is morele moed.
Op dit moment stapelen we crisis op crisis. Wooncrisis. Klimaatcrisis. Biodiversiteitscrisis. Zorgcrisis. Onderwijscrisis. Een watercrisis die eraan komt.
Een stille epidemie die eenzaamheid heet Netcongestie die de toekomst blokkeert.
Maar juist dáárom moet Rotterdam voorop lopen.
Zoals Rotterdam altijd deed.
Rotterdam weet wat strijd is. Rotterdam weet wat wederopbouw is. Rotterdam weet wat solidariteit betekent.
Wíj kunnen voorop lopen in een samenleving waar geen plaats is voor armoede en dakloosheid, waar mensen niet ziek worden van hun eigen woning, waar een tegenslag niet automatisch naar de voedselbank leidt.
Dat vraagt dat we afscheid nemen van het idee dat iedereen het “zelf maar moet redden” het zogenaamde zelfredzaamheidscriterium Van het idee dat succes een individuele keuze is en falen een individuele schuld.
Mensen die al wat langer rondlopen in de gemeentepolitiek horen daar niets anders dan ‘eigen schuld dikke bult’.
Het vraagt dat we opnieuw leren denken in gemeenschappen.
Coöperatief, niet elkaar kapot concurreren.
Zo bewijst de Afrikaanderwijk Wijkcoöperatie dat radicale gelijkwaardigheid mogelijk is. Iedereen verdient hetzelfde ongeacht achtergrond. Er is geen loonkloof tussen mannen en vrouwen. Samen sterk en niet ieder voor zich. Zorgend en niet uitbuitend.
Maar uiteindelijk gaat dit niet alleen over geld. Het gaat over wie we als mens willen zijn.
Het gaat over wat we als stad willen zijn Het gaat over wat we normaal zijn gaan vinden. Het gaat over de vraag:
Wat het betekent om mens te zijn?
Accepteren we een samenleving die structureel vernedering produceert?
Ik zeg: nee. Niet hier. Niet nu.
Niet in Rotterdam. Nergens niet. Nooit niet.
En laat me dan ook dit benoemen. Want wie eerlijk kijkt, wie niet wegkijkt, wie durft te zien wat er werkelijk gebeurt,
die ziet méér dan alleen armoede. Die ziet macht. Die ziet invloed. Die ziet wie gehoord worden en wie structureel genegeerd.
Want terwijl mensen met minder financiële middelen verdwalen in een lokettenjungle van formulieren, controles, wantrouwen en vernedering,
terwijl zij verstrikt raken in een toeslagenschandaal dat levens verwoestte, gezinnen brak en kinderen jarenlang tekende,
zien we aan de andere kant iets heel anders gebeuren.
Bankiers. Grote bedrijven. Financiële elites.
Zij krijgen geen loketten. Zij hebben lobbyisten. Dik betaalde lobbyisten die agenda’s vullen van wethouders, ministers en Eurocommissarissen.
En wat gebeurt er dan?
Het bonusplafond van bankiers wordt verhoogd.
De maximale huur voor nieuwbouw wordt verhoogd. En zo zijn er vele beleidsmaatregelen het gevolg van lobbywerk.
Niet omdat het moet. Niet omdat het rechtvaardig is. Maar omdat de lobby sterk is. Omdat macht zichzelf beschermt. Omdat invloed rendeert.
En mensen voelen dat. Mensen zien dat. Mensen weten dat.
Dus ja, mensen zijn terecht het vertrouwen in de politiek kwijtgeraakt.
Want wat voor boodschap geef je af als mensen met schulden worden gewantrouwd, opgejaagd en gestraft, terwijl mensen die een financiële crisis veroorzaakten worden beloond met hogere bonussen?
Wat voor moraal is dat?
Velen zeggen inmiddels hardop wat lang werd gefluisterd: we leven niet meer in een democratie, maar in een lobbycratie.
En laten we eerlijk zijn: dat geldt niet alleen lokaal, niet alleen nationaal, maar ook op Europees niveau.
Besluiten worden genomen ver van de mensen vandaan, dicht bij de macht, dicht bij het geld.
Armoede-abolitionist Matthew Desmond verwoordde het pijnlijk helder hier in Arminius nog wel:
“Armoede bestaat en blijft bestaan omdat de niet-armen er baat bij hebben.”
Dat is geen slogan. Dat is een diagnose.
Want de maatschappelijke kosten van problematische schulden bedragen ongeveer 8,5 miljard euro per jaar.
En wie is de grootste schuldeiser?
De overheid.
Het systeem verdient aan falen. Het systeem verdient aan stress. Het systeem verdient aan schulden die nooit hadden hoeven bestaan.
En ondertussen wordt er neergekeken.
Op mensen met een lager inkomen. Op mensen in sociale huurwoningen. Alsof hun woonadres iets zegt over hun waarde als mens.
De stigmatisering is niet meer te harden. En laat me dit zeggen: dat stigma doet misschien wel de meeste pijn.
Ik zal nooit vergeten wat een dakloos jong meisje zei op Wereld Dakloze Mensendag toen haar werd gevraagd wat haar het meeste pijn deed.
Niet de kou. Niet de honger. Niet het ontbreken van een bed.
Maar: het stigma.
En als politici van de VVD mensen in een sociale huurwoning durven te vergelijken met “kansarmen”,
dan is dat geen verspreking. Dat is ideologie. Dat is klassenpolitiek vermomd als nuchterheid. En onderdeel van bewust beleid om altijd de schuldvraag bij het individu neer te leggen.
Maar mensen zijn geen kostenpost. Geen risicoanalyse. Geen probleemgroep.
Mensen zijn mensen.
En een samenleving die structureel neerbuigt voor geld maar neerkijkt op armoede, is geen beschaving.
Dat is moreel verval.
En juist daarom is deze strijd niet alleen economisch, maar moreel. Niet alleen politiek, maar spiritueel.
Want waar waardigheid wordt ontkend, dáár moet zij opnieuw worden opgeëist.
Altijd al.
Altijd weer.
490 euro liet zien dat verandering mogelijk is. Dat een ander systeem noodzakelijk is. Dat onrecht geen natuurgegeven is.
Laat 490 geen eindpunt zijn, maar een begin. Een belofte. Een moreel kompas.
Want een stad die haar mensen in armoede beschermt, is een stad die haar ziel bewaart en beschaving kent.
En mensen, die strijd die morele, politieke en menselijke strijd die winnen we alleen
Om de beste ervaringen te bieden, gebruiken wij technologieën zoals cookies om informatie over je apparaat op te slaan en/of te raadplegen. Door in te stemmen met deze technologieën kunnen wij gegevens zoals surfgedrag of unieke ID's op deze site verwerken. Als je geen toestemming geeft of uw toestemming intrekt, kan dit een nadelige invloed hebben op bepaalde functies en mogelijkheden.
Functioneel
Altijd actief
De technische opslag of toegang is strikt noodzakelijk voor het legitieme doel het gebruik mogelijk te maken van een specifieke dienst waarom de abonnee of gebruiker uitdrukkelijk heeft gevraagd, of met als enig doel de uitvoering van de transmissie van een communicatie over een elektronisch communicatienetwerk.
Voorkeuren
De technische opslag of toegang is noodzakelijk voor het legitieme doel voorkeuren op te slaan die niet door de abonnee of gebruiker zijn aangevraagd.
Statistieken
De technische opslag of toegang die uitsluitend voor statistische doeleinden wordt gebruikt.De technische opslag of toegang die uitsluitend wordt gebruikt voor anonieme statistische doeleinden. Zonder dagvaarding, vrijwillige naleving door je Internet Service Provider, of aanvullende gegevens van een derde partij, kan informatie die alleen voor dit doel wordt opgeslagen of opgehaald gewoonlijk niet worden gebruikt om je te identificeren.
Marketing
De technische opslag of toegang is nodig om gebruikersprofielen op te stellen voor het verzenden van reclame, of om de gebruiker op een site of over verschillende sites te volgen voor soortgelijke marketingdoeleinden.
Recente reacties